Veelgestelde vragen

Veelgestelde vragen over:

Anw / Partnerpensioen bij overlijden

 
Wat is Anw?
In sommige gevallen kunnen je partner en/of kinderen recht hebben op een Anw-uitkering. Anw staat voor Algemene nabestaandenwet. De nabestaandenuitkering Anw is een uitkering van de overheid. De Sociale Verzekeringsbank voert de Anw namens de overheid uit.
Wat ontvangen mijn partner en kinderen als ik overlijd?

Als deelnemer van SPF bouw je niet alleen pensioen voor jezelf op maar ook voor je partner (partnerpensioen) en voor je kinderen (wezenpensioen). Dit gaat meteen in na je overlijden. Ook als je de pensioenleeftijd nog lang niet hebt bereikt. Op het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) dat je jaarlijks ontvangt, zie je wat je kinderen en partner ontvangen als jij overlijdt.

Na een scheiding of eerdere scheidingen kan het partnerpensioen voor (de) nieuwe partner(s) lager zijn. In de brochure ‘Partner- en wezenpensioen’ wordt ingegaan op de verschillende mogelijkheden bij overlijden (overlijden vóór pensionering, ná pensionering, de soorten partner- en wezenpensioen, etc.).

Moet iemand mijn overlijden melden?

Woon je in Nederland en ben je gehuwd of heb je een geregistreerd partnerschap, dan hoeven je nabestaanden dat niet bij het pensioenfonds te melden. Het overlijden wordt via de Basisregistratie Personen (BRP) automatisch aan het pensioenfonds doorgegeven.

Woon je in het buitenland en ben je gehuwd of heb je een geregistreerd partnerschap, dan moeten je nabestaanden wel het fonds informeren. Dat doen ze door een kopie van de akte van overlijden naar SPF te sturen.

Woon je in Nederland of in het buitenland en heb je een notarieel samenlevingscontract, dan moet je partner bewijzen dat hij/zij inderdaad nog met je samenwoont. Dat kan hij of zij bewijzen door een uittreksel uit het bevolkingsregister, waaruit blijkt dat jullie samenwoonden, naar SPF te sturen.

Wanneer gaat het partner-/ wezenpensioen in als ik kom te overlijden?

Het partner-/ wezenpensioen gaat in op de eerste dag van de maand na je overlijden.

Arbeidsongeschikt
 
Wat gebeurt er als ik arbeidsongeschikt word?
Ben je langer dan twee jaar ziek (wettelijk 104 weken) en voor meer dan 35% arbeidsongeschikt verklaard? Dan kom je in aanmerking voor een wettelijke uitkering bij arbeidsongeschiktheid. Je ontvangt deze uitkering van het UWV namens de overheid op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (WIA). Als je volledig, dat wil zeggen voor 80 procent of meer, arbeidsongeschikt bent, krijg je van het UWV een WIA-uitkering ter grootte van maximaal 75% van het laatst verdiende salaris voordat je arbeidsongeschikt werd. Hieraan heeft de wet een maximum gesteld. De wettelijke uitkering is nooit hoger dan 75% van het maximum dagloon (per 1 januari 2019: € 55.927) Je bent bij SPF aanvullend verzekerd voor arbeidsongeschiktheid.

Kijk hier voor meer informatie over arbeidsongeschiktheid.
Wat gebeurt er als ik uit dienst ga?

Ga je uit dienst als gevolg van je arbeidsongeschiktheid, dan geeft de werkgever dit aan SPF door.

Vanaf je uitdiensttreding loopt bij (gedeeltelijke) arbeidsongeschiktheid de opbouw van je pensioen bij SPF geheel of gedeeltelijk door. Afhankelijk van de mate van arbeidsongeschiktheid betaal je zelf een deel of helemaal geen premie.

Als op datum uitdiensttreding je pensioenloon hoger is dan het maximum dagloon, krijg je over dat meerdere pensioenloon geen WIA-uitkering. Je komt dan bij SPF in aanmerking voor een aanvulling in de vorm van een (reglementair) arbeidsongeschiktheidspensioen. Het arbeidsongeschiktheidspensioen komt alleen tot uitkering als je volledig (80% of meer) arbeidsongeschikt bent. Het arbeidsongeschiktheidspensioen bedraagt 70% van het pensioenloon dat hoger is dan het maximum dagloon (per 1 januari 2019: € 55.927).

Kijk hier voor meer informatie over arbeidsongeschiktheid

Wat moet ik doen als ik minder of meer arbeidsongeschikt word?
Geef het aan SPF door als jouw arbeidsongeschiktheidspercentage verandert en je meer of minder arbeidsongeschikt wordt. De hoogte van de pensioenopbouw is gebaseerd op de mate van je arbeidsongeschiktheid per de datum van uitdiensttreding. Als je daarna minder (of meer) arbeidsongeschikt wordt, bouw je (mogelijk) minder (of meer) pensioen op. Daarnaast stopt je arbeidsongeschiktheidspensioen als je arbeidsongeschiktheids-percentage lager wordt dan 80%. Het kan ook zijn dat je een arbeidsongeschiktheids- pensioen gaat ontvangen omdat je 80% of meer arbeidsongeschikt wordt.

Kijk hier voor meer informatie over arbeidsongeschiktheid.
(Echt)scheiding
 
Ik ga scheiden, ben gescheiden of mijn samenlevingscontract wordt beëindigd. Wat zijn dan de gevolgen voor mijn ouderdomspensioen?

Het uit elkaar gaan heeft meestal grote gevolgen voor je ouderdomspensioen. De tijdens de huwelijkse periode opgebouwde pensioenrechten moeten bij echtscheiding namelijk tussen jou en je partner verdeeld worden. Dit geldt ook voor het PPS-saldo en het nettopensioenkapitaal. Dit regelt de Wet Verevening Pensioenrechten bij Scheiding (WVPS). Het ouderdomspensioen dat is opgebouwd tijdens de huwelijkse of samenlevingsperiode, wordt verdeeld. Verdeling volgens de standaard betekent dat 50% voor de deelnemer en 50% van het ouderdomspensioen voor de ex-partner is. De uitkering van je ex-partner gaat op hetzelfde moment in als jouw uitkering. Bij beëindiging van een samenlevingscontract heeft je ex-partner alleen recht op een deel van het ouderdomspensioen als dit in het (beëindigings)contract is opgenomen.

Een andere verdeling van het ouderdomspensioen is ook mogelijk, maar dan moet dit wel in de huwelijkse voorwaarden of in een (echt)scheidingsconvenant staan. Naast ouderdomspensioen bestaat ook partnerpensioen. Je ex-partner maakt aanspraak op het partnerpensioen dat je vanaf de datum aanvang deelname tot het moment van scheiding hebt opgebouwd. We noemen dit bijzonder partnerpensioen. Bij jouw overlijden keren we dit bijzonder partnerpensioen uit aan je ex-partner.

Kijk hier voor meer informatie over echtscheiding.

Wat is de definitie van 'partner'?
Onder 'partner' wordt verstaan de persoon met wie je gehuwd bent of die als je partner geregistreerd staat bij de Burgerlijke Stand. Woon je samen dan moet je jouw partner zelf aanmelden bij het pensioenfonds. Je moet dan een aantal documenten naar ons opsturen. In onze brochure ‘Trouwen en samenwonen’ kun je lezen welke documenten dit zijn. Dit geldt niet voor de partner met wie je na je pensionering trouwt, een geregistreerd partnerschap aangaat of een notarieel samenlevingscontract sluit.
Eerder stoppen met werken

Welke gevolgen heeft eerder stoppen met werken voor mijn ouderdomspensioen?

Als je vóór je pensioenleeftijd wilt stoppen met werken, wordt je pensioenuitkering lager. Je opgebouwde aanspraken worden immers over meerdere jaren gespreid. Bovendien bouw je dan minder jaren pensioen op.

Ik wil graag eerder stoppen met werken. Vanaf welke leeftijd kan ik mijn pensioen laten ingaan?
Je kunt op zijn vroegst vanaf je 60e met pensioen gaan. Omdat je pensioen langer moet worden uitbetaald en je door eerder met pensioen te gaan minder pensioen opbouwt, wordt je pensioenuitkering lager.

Ik wil voor mijn AOW-leeftijd met pensioen.

Als je meer dan 5 jaar vóór je AOW-leeftijd - gedeeltelijk - met (pre)pensioen gaat, dan moet je je betaalde werkzaamheden - geheel of gedeeltelijk - beëindigen. Je moet dan de intentieverklaring 'geen betaalde werkzaamheden' invullen. Deze verklaring wordt automatisch meegestuurd bij de aanvraag ouderdomspensioen, indien van toepassing. Laat je op een latere datum je (pre)pensioen ingaan, dan hoef je niet te stoppen met werken.

Wil je het ouderdomspensioen vóór de AOW-leeftijd laten ingaan, dan moet je dat zelf aanvragen.

Kijk hier voor meer informatie over stoppen met werken.

Factor A

Wat is de Factor A?
De Factor A geeft aan hoe groot je pensioenaangroei is geweest in een bepaald jaar. De Factor A is te vinden op het Uniform Pensioenoverzicht (UPO) dat je jaarlijks van het pensioenfonds krijgt. Je hebt de Factor A nodig als je wilt berekenen hoeveel fiscale ruimte je hebt om je pensioen aan te vullen met lijfrentes.
Inhoudingen

In mijn Uniform Pensioenoverzicht (UPO) staan alleen maar brutobedragen. Waar kan ik terecht voor de nettobedragen?
Wat je netto overhoudt, is afhankelijk van veel factoren. Niet alleen de gebruikelijke inhoudingen zoals loonheffing en premie zorgverzekering, maar ook een eventuele hypotheek of andere inkomsten spelen een rol. Als je nog niet met pensioen bent, kun je door middel van de pensioenplanner van SPF (op de website van SPF onder 'Mijn SPF Pensioen') een indruk krijgen van je nettopensioenuitkering.

Hoe zit het met de belasting op mijn pensioen?
Op je pensioenuitkering wordt loonheffing ingehouden. De loonheffing is een combinatie van de premies volksverzekeringen en de loonbelasting. Op je uitkering wordt ook de inkomensafhankelijke bijdrage voor de zorgverzekeringswet ingehouden. Op de loonheffing kun je een loonheffingskorting laten toepassen. De loonheffingskorting is de verzamelnaam voor de kortingen op de belastingen en premies die je moet afdragen. Elke werknemer of uitkeringsgerechtigde heeft in principe recht op de loonheffingskorting. Dit geldt ook voor werknemers of uitkeringsgerechtigden die niet in Nederland wonen.

Als je naast je pensioenuitkering nog een ander inkomen hebt, kun je kiezen op welk inkomen de loonheffingskorting wordt toegepast. Het voordeligst is om dit op het hoogste inkomen te laten doen. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) past standaard de loonheffingskorting op je AOW toe. Je kunt deze keuze altijd wijzigen door een 'Opgaaf gegevens voor de loonheffingen' naar het pensioenfonds of de SVB te sturen. Kijk voor meer informatie op www.svb.nl.
Vanwege het progressieve karakter van het Nederlands belastingstelsel kan de situatie ontstaan dat je op jaarbasis te weinig loonheffing hebt afgedragen. Via de inkomstenbelasting krijg je dan een naheffing. In de brochure 'Met pensioen gaan' lees je meer hierover.
Keuzemogelijkheden

Eerder stoppen met werken.

Je kunt vanaf je 60e met pensioen gaan. Mogelijk heb je voor 1 januari 2006 deelgenomen aan de prepensioenregeling van SABIC. In dat geval is het door jou gespaarde PPS-saldo in een apart potje gereserveerd. Over dit saldo wordt rente bijgeschreven.

Wat je met je PPS-saldo kunt doen is sterk afhankelijk van je leeftijd en je AOW-leeftijd.

Kijk hier voor meer informatie over de PPS-regeling.


Partnerpensioen uitruilen voor extra ouderdomspensioen.
Heb je geen partner of is je partner financieel zelfstandig? Dan kun je ervoor kiezen om bij pensionering af te zien van een partnerpensioen. Het opgebouwde partnerpensioen, of een deel hiervan, kun je dan gebruiken voor een hoger ouderdomspensioen. Voor de uitruil van het partnerpensioen heb je wel toestemming van je partner nodig, want je partner krijgt dan geen, of minder, uitkering na je overlijden. Voor deelnemers die bij hun pensionering geen partner hebben, gebeurt dit automatisch.

Kijk hier voor meer informatie over Uitruilen.

Variëren met de hoogte van de pensioenuitkering.

Je kunt de hoogte van je ouderdomspensioen laten variëren. Ontvang je als je met pensioen gaat nog geen AOW of heb je dan nog financiële verplichtingen (bijvoorbeeld een hypotheek)? Dan kun je kiezen voor een ‘hoog/laag uitkering’. De periode van uitkering wordt dan als het ware in tweeën gesplitst. De uitkering in de eerste periode is bijvoorbeeld hoger dan de uitkering in de tweede periode. Andersom is ook mogelijk. De hoogte van die uitkeringen wordt berekend op basis van het opgebouwde pensioen op het moment dat je met pensioen gaat.

Kijk hier voor meer informatie over Variëren.

Raadpleeg ook eens de pensioenplanner op de website. Deze stelt je in staat om met je eigen pensioengegevens de mogelijkheden om eerder met pensioen te gaan te bekijken.

Met pensioen gaan / AOW
 
Ik wil met pensioen. Wat moet ik daarvoor doen?

Je kunt het pensioen laten ingaan op je AOW-leeftijd, maar ook vóór of na je AOW-leeftijd. Het vroegst mogelijke tijdstip waarop je pensioen van SPF kunt ontvangen, is je 60ste verjaardag. Enkele maanden voor je AOW-leeftijd ontvang je automatisch van SPF een aanvraagbrief. Bij deze brief ontvang je tevens formulieren om je keuzes aan te geven.

Wil je het ouderdomspensioen vóór de AOW-leeftijd laten ingaan dan moet je dit zelf aanvragen bij SPF. Je stuurt dan uiterlijk 3 maanden vóór de gewenste pensioeningangsdatum het ‘aanvraagformulier ouderdomspensioen’ naar SPF. Je kunt dit formulier ook downloaden via de website van SPF bij ‘downloads’. SPF stuurt je vervolgens een aanvraagbrief.

 

Wil je het pensioen na je AOW leeftijd laten ingaan (uiterlijk 5 jaar na de AOW-leeftijd) dan moet je dat ook zelf aanvragen via het ‘aanvraagformulier ouderdomspensioen’.

Om een PPS-uitkering aan te vragen kun je gebruik maken van het formulier 'aanvraagformulier PPS-uitkering'.


Wat is AOW?

De Algemene Ouderdomswet (AOW) is een basispensioen voor alle inwoners van Nederland die de AOW-leeftijd bereiken. Je bouwt een volledige AOW-uitkering op als je in de 50 jaar voor je AOW-leeftijd in Nederland hebt gewoond en/of gewerkt. Voor ieder jaar dat je mist, wordt de AOW met 2% gekort. AOW wordt toegekend en betaald door de Sociale Verzekeringsbank (SVB).

Je AOW-leeftijd is afhankelijk van je geboortejaar. Meer informatie over AOW vind je op www.svb.nl. Daar kun je je AOW-leeftijd en ook de betaaldata van je AOW-uitkering vinden. Op de website van ‘Mijnpensioenoverzicht.nl’ kun je je opgebouwde en te bereiken AOW vinden.


Hoeveel premie betaal ik?
De premie is 25,5%. SABIC betaalt verreweg het grootste deel van de pensioenbijdrage. Een deel ervan betaal jij als werknemer. Je eigen bijdrage is 2,5% van je jaarinkomen tot € 71.676 (2019) en 6,5% van je jaarinkomen vanaf dit bedrag. De hoogte van de pensioenbijdrage voor de werknemer wordt geregeld in de collectieve arbeidsovereenkomst (CAO) van de werkgever.

Wanneer ontvang ik een overzicht van mijn opgebouwde (pre)pensioenaanspraken?
Vóór 1 oktober van ieder jaar ontvang je van SPF op je huisadres of digitaal (via Mijn SPF pensioen) een Uniform Pensioenoverzicht (UPO). Daarin vind je alle informatie met betrekking tot je pensioenaanspraken. Ook kun je in deze opgave lezen hoeveel pensioen je kunt bereiken, uitgaande van je dienstverband en pensioenloon per de datum van het overzicht.

Hoe is het pensioen bij SPF opgebouwd?
Je pensioenregeling is een voorwaardelijke middelloonregeling. Bij een middelloonregeling ontvang je een uitkering die is gebaseerd op het gemiddelde salaris dat je verdiende door de jaren heen. Vanaf de door jou gekozen pensioenleeftijd ontvang je (naast de mogelijke AOW-uitkering van de overheid) pensioen dat je hebt opgebouwd via je werkgever(s). De pensioenregeling bij SPF is een CDC-regeling oftewel Collective Defined Contribution.
Dit betekent dat je werkgever iedere maand voor jou een premie stort bij SPF. De werknemer betaalt zelf ook een deel van de premie. SPF is ervoor verantwoordelijk dat medewerkers, oud-medewerkers en uitkeringsgerechtigden het pensioen krijgen waar ze recht op hebben. De pensioenrechten die je volgens dit systeem opbouwt, zijn voorwaardelijk. Dat wil zeggen dat je aanspraak kunt maken op deze rechten als de financiële positie van SPF dit toelaat.

Welke gevolgen heeft eerder stoppen met werken voor mijn ouderdomspensioen?

Als je vóór je pensioenleeftijd wilt stoppen met werken, wordt je pensioenuitkering lager. Je opgebouwde aanspraken worden immers over meer jaren gespreid. Bovendien bouw je dan minder jaren pensioen op.
Wanneer je eerder gespaard hebt via de PPS-regeling dan kun je het gespaarde PPS-saldo inzetten om je (levenslange) ouderdomspensioen te verhogen. Het ouderdomspensioen kun je laten ingaan tussen je 60e en je AOW-leeftijd.
Je kunt het PPS-saldo ook inzetten voor een tijdelijke PPS-uitkering voorafgaande aan je (ouderdoms)pensioen.

Kijk hier voor meer informatie over PPS.

 
Bij wie kan ik terecht met mijn pensioenvragen?

Bij vragen over je pensioen kun je terecht bij onze Pension Desk: tel.: 045 – 5788100 of e-mail: info.PensioenfondsSABIC@dsm.com.

Onbetaald verlof

Wat gebeurt er met mijn pensioenopbouw als ik onbetaald verlof opneem?
Neem je een periode onbetaald verlof, dan bouw je tijdens die maanden geen pensioen op. Mocht je tijdens de periode van onbetaald verlof komen te overlijden, dan is er een partnerpensioen beschikbaar voor je partner en kinderen.
PPS-saldo (prepensioenkapitaal)

Wat is het rendement in de afgelopen jaren en kan de PPS-rente ook negatief zijn?

Je individuele spaarpot groeit door een rentevergoeding op je PPS-saldo. SPF geeft je jaarlijks rente op je PPS-saldo. Deze rente wordt bepaald op basis van het totaal rendement dat SPF over de beleggingen in het voorafgaande kalenderjaar heeft behaald. Het rentepercentage wordt jaarlijks per 1 juli bepaald.
Bij de vaststelling van het rendement wordt rekening gehouden met 0,10% beleggingskosten. Op het PPS-saldo worden geen kosten ingehouden.

De rente op het PPS-saldo wordt bepaald op basis van het totaal rendement op de beleggingen over het afgelopen jaar. Deze rente wordt vervolgens toegepast van 1 juli tot 1 juli. Dit betekent dat elk jaar twee rentepercentages worden toegepast. De rente op het PPS-saldo kan niet negatief zijn.

Hoe worden negatieve rendementen verrekend met de positieve rendementen?
Hoeveel rente wordt verkregen over het PPS-saldo hangt af van het rendement dat SPF maakt op zijn beleggingen. Is dat rendement hoog dan wordt veel rente bijgeschreven. Is het rendement negatief, dan worden de deelnemers beschermd tegen deze negatieve rendementen: in geval van negatieve rendementen vermindert het PPS-saldo niet voor de deelnemer. Positieve rendementen kunnen echter pas weer worden bijgeschreven zodra de cumulatieve negatieve rendementen zijn gecompenseerd door positieve rendementen in de jaren daarna. SPF hanteert voor de verrekening van negatieve rendementen een rekenwijze.

In de brochure ‘Toeslagverlening’ lees je meer hierover.
Wanneer kan ik mijn prepensioen aanvragen?
Deelnemers en gewezen deelnemers die bij SPF een PPS-saldo hebben opgebouwd, krijgen voorafgaand aan de ingangsdatum van hun ouderdomspensioen te maken met de omzetting van dat saldo in een tijdelijke PPS-uitkering. Deze PPS-uitkering gaat standaard in 3 jaar voor het bereiken van de AOW-leeftijd. Dit noemen we de PPS-leeftijd. Onder voorwaarden is het mogelijk om de PPS-leeftijd op een ander moment (vroeger of later) te laten ingaan.

Kijk hier voor meer informatie over PPS.

Wat gebeurt er met mijn opgebouwde PPS-saldo als ik verander van werkgever voordat ik de leeftijd bereik waarop ik met pensioen wil gaan?
Ga je vóór je pensioendatum uit dienst en is dat niet door arbeidsongeschiktheid of overlijden? En heb je je pensioen ook niet overgedragen naar je nieuwe werkgever? Dan behoud je de aanspraak op het opgebouwde prepensioenkapitaal dat je tot die datum had gespaard. Je ontvangt een overzicht van dat saldo per de datum van beëindiging van het dienstverband.
Toeslagverlening

Wordt mijn pensioen jaarlijks verhoogd?
Het pensioenfonds heeft de ambitie om de pensioenen jaarlijks te verhogen en mee te laten groeien met de prijs- of loonstijging. Dit heet toeslagverlening of indexatie. Of daadwerkelijk toeslagen kunnen worden verleend, hangt af van de financiële positie van het fonds. Je hebt dus geen recht op toeslagverlening. Het fonds reserveert geen geld voor toeslagverlening en er wordt geen premie voor betaald.

Lees meer hierover in de brochure ‘Toeslagverlening’.
Is er ook toeslagverlening op het PPS-saldo?
Over je PPS-saldo wordt jaarlijks een rente toegekend. Deze rente wordt door het bestuur van SPF bepaald op basis van het totaal rendement op de beleggingen van SPF over het afgelopen jaar.

Hoeveel rente je krijgt over het prepensioenkapitaal hangt af van het rendement dat het pensioenfonds maakt op zijn beleggingen. Is dat rendement hoog dan wordt veel rente bijgeschreven. Bij een negatief rendement wordt de rente vastgesteld op 0%. De negatieve rente wordt in dat geval wel verrekend met de positieve rente in de jaren daarna.

Bij de vaststelling van het rendement wordt rekening gehouden met 0,10% beleggingskosten. Op het PPS-saldo worden geen kosten ingehouden.

Ieder jaar wordt opnieuw door het bestuur bekeken of en in welke mate de financiële positie van het fonds het verlenen van toeslagen toestaat.
Trouwen en samenwonen

Wat is de definitie van ‘partner’?

- Degene met wie je getrouwd bent, of
- Degene die als je partner geregistreerd staat bij de Burgerlijke Stand, of
- Degene met wie je een notarieel samenlevingscontract hebt en met wie je op hetzelfde adres woont. Voorwaarde hierbij is verder dat het samenlevingscontract is gemeld bij SPF en door SPF is erkend.
Degene met wie je ná je pensionering een van de genoemde partnerschappen aangaat, komt niet in aanmerking voor een partnerpensioen.

Ik ga samenwonen. Komt mijn partner in aanmerking voor een partnerpensioen?
Als je gaat samenwonen en dit vastlegt in een notariële akte, moet je altijd een kopie hiervan aan het pensioenfonds toesturen. Let op: Als je geen kopie van de (notariële) akte bij SPF inlevert, is je partner niet verzekerd voor het partnerpensioen!

Lees voor meer informatie (en de toe te sturen documenten) in de brochure 'Trouwen en samenwonen'.
Verhuizen

Ik ga binnenkort verhuizen. Moet ik het pensioenfonds hierover inlichten?
Verhuis je binnen Nederland, dan hoef je dat niet aan het pensioenfonds door te geven. SPF ontvangt automatisch je nieuwe adresgegevens uit de Basisregistratie Personen (BRP). Uiteraard is het daarom wel van belang dat je de gemeente informeert over de verhuizing. Verhuis je naar of in het buitenland, of van het buitenland naar Nederland, dan moet je je nieuwe adresgegevens aan SPF doorgeven.
Waardeoverdracht
 
Ik ben onlangs bij SABIC komen werken. Hoe kan ik mijn opgebouwde pensioen bij mijn vorige pensioenverzekeraar laten overdragen naar SPF?
Je kunt een aanvraag voor waardeoverdracht indienen door het aanvraagformulier ingevuld en ondertekend toe te sturen aan SPF. Dit formulier vind je op de website onder downloads.

Meer informatie kun je vinden in de brochure ‘Waardeoverdracht

Hoe vind ik een vroegere pensioenuitvoerder terug?

De website www.mijnpensioenoverzicht.nl van de overheid biedt een overzicht van alle pensioenen die iemand in de loop van de tijd bij verschillende pensioenfondsen in Nederland heeft opgebouwd. Toegang tot de site is alleen mogelijk met een DigiD-code. Dat is je inlogcode bij de overheid. Als je geen DigiD-code hebt, kun je die aanvragen via de website www.digid.nl.
Biedt de website 'mijnpensioenoverzicht' geen of onvoldoende informatie over je vroegere pensioenuitvoerder? In dat geval zijn er nog meer mogelijkheden. En wel de volgende.

Heb je een bewijs of opgave van de aanspraken, dan kun je de Informatiedesk van De Nederlandsche Bank (DNB) bellen voor namen, adressen en telefoonnummers van bestaande pensioenfondsen en/of verzekeringsmaatschappijen. De informatiedesk is van maandag t/m vrijdag tussen 9.00 en 17.00 uur bereikbaar op telefoon 0800-0201068 (gratis) of per e-mail: info@dnb.nl. Je kunt ook de internetsite van DNB raadplegen: www.dnb.nl.

Heb je geen bewijs of opgave, dan kun je informeren bij je voormalige werkgever of vroegere collega’s, als de werkgever niet te vinden is. Informeer dan bij vakorganisaties of zij het bedrijf kennen. Voor bepaalde bedrijfstakken geldt verplichte deelneming aan een bedrijfspensioenfonds, dus dan kun je je rechtstreeks melden bij dat fonds. Voor een pensioenvoorziening die is ondergebracht bij een verzekeraar, kun je je wenden tot het ‘verbond van verzekeraars’.


Ik neem binnenkort ontslag. Kan ik mijn opgebouwde pensioenaanspraken overdragen naar de pensioenuitvoerder van mijn nieuwe werkgever?
Ja. Je moet de aanvraag voor waardeoverdracht indienen bij de pensioenuitvoerder van je nieuwe werkgever. De pensioenuitvoerder van je nieuwe werkgever zal SPF vervolgens vragen om een opgave van je opgebouwde (pre)pensioenaanspraken. Je nieuwe pensioenuitvoerder zal je aan de hand hiervan een opgave doen voor inkoop in de pensioenregeling van je nieuwe werkgever. Je kunt op basis van de opgave beslissen of je de waardeoverdracht wilt laten plaatsvinden.
Deze website gebruikt cookies om te kunnen functioneren en het gebruik te analyseren teneinde het gebruiksgemak te verbeteren.Akkoord